HomeLes volgenGelijk testen!LessenbibliotheekInloggen/RegistrerenContact

Woordsoorten znw, bijv nw, ww, lw, vz, vw, tw


Groep: Groep 7/8
Vakgebied: Taal
Datum: 02-10-'24

< Terug naar overzicht

Vragen:

1. Wanneer begint de herfst eigenlijk? Wat is het lidwoord?
antwoord (optioneel): de

2. In de herfstvakantie ga ik logeren. Wat is het voorzetsel?
antwoord (optioneel): in; In

3. Ik ga ook naar de bioscoop met mijn lieve oma. Wat is het bijvoeglijk naamwoord?
antwoord (optioneel): lieve

4. Ik bak ook graag koekjes in de vakantie! Wat is het werkwoord?
antwoord (optioneel): bak

5. Als we gaan wandelen, zie ik al veel blaadjes die gevallen zijn. Wat is het zelfstandig naamwoord?
antwoord (optioneel): blaadjes

6. De vakantie vliegt altijd voorbij. Wat is het werkwoord?
antwoord (optioneel): vliegt

7. Nu het donker wordt, doen we ook gezellige kaarsjes aan. Wat is het bijvoeglijk naamwoord?
antwoord (optioneel): gezellige

8. Ik hou van de herfst, maar niet van de regen. Wat is het voegwoord?
antwoord (optioneel): maar

9. Gelukkig hebben we geen regen in de klas. Wat is het voorzetsel?
antwoord (optioneel): in

10. Dit was alweer de laatste opdracht! Wat is het telwoord?
antwoord (optioneel): laatste



Speel een proefles met deze les!


Een moment geduld...
Als respons van de website uit blijft,
neem dan contact met ons op.

Contact Sluiten