HomeLes volgenGelijk testen!LessenbibliotheekInloggenContact

Staal groep 6, week 2, les 3, komma


Groep: Groep 5/6
Vakgebied: Spelling
Labels: Staal spelling, komma, onderwerp, persoonsvorm
Datum: 17-03-'22

< Terug naar overzicht

Vragen:

1. Na welk woord komt de komma? Dag oma hoe laat mogen we morgen komen?
antwoord (optioneel): oma;oma,

2. Na welk woord komt de komma? Zijn Bente Kim Silvia en Loes er dan ook?
antwoord (optioneel): Bente; Kim;bente;Kim;bent, kim;Bente, Kim;Bente,;kim

3. Wat is het voltooid deelwoord? Heb je ook koekjes gebakken?
antwoord (optioneel): gebakken

4. Wat is het hulpwerkwoord? Heb je ook koekjes gebakken?
antwoord (optioneel): Heb;heb

5. Wat is het onderwerp? Lars zit al aan tafel.
antwoord (optioneel): Lars;lars

6. Wat is de persoonsvorm? Lars zit al aan tafel.
antwoord (optioneel): zit;zi

7. Wat is het voorzetsel? Lars zit al aan tafel.
antwoord (optioneel): aan

8. Na welk woord komt de komma? We hebben honger maar moeten wachten op opa.
antwoord (optioneel): honger;honger]

9. Wat is het voegwoord? We hebben honger, maar moeten wachten op opa.
antwoord (optioneel): maar

10. Wat is het stoffelijk bijvoeglijk naamwoord? De houten tafel is al gedekt.
antwoord (optioneel): houten



Speel een proefles met deze les!


Een moment geduld...
Als respons van de website uit blijft,
neem dan contact met ons op.

Contact Sluiten