Spelling blok 7 week 1 les 1
Vragen:
1. Vul de verleden tijd in: Er (staan) nog een pak melk in de koelkast.antwoord (optioneel): stond;er stond;Stond
2. Vul de verleden tijd in: Jitske (schenken) wat melk in haar beker.
antwoord (optioneel): schonk;schonk.;Schonk
3. Vul de verleden tijd in: Ze (drinken) de beker langzaam leeg.
antwoord (optioneel): dronk; dronken
4. Vul de verleden tijd in: Murat (kiezen) voor een tosti met kaas.
antwoord (optioneel): koos;koos!
5. Vul de verleden tijd in: Hij (snijden) de tosti in twee stukken.
antwoord (optioneel): sneed